Simvastatine EG 20 Mg Filmomh Tabl 100X20Mg Flacon
Op voorschrift
Geneesmiddel

Simvastatine EG 20 Mg Filmomh Tabl 100X20Mg Flacon

  € 15,93

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 6,92 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 6,92 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt

  € 15,93
Onmiddellijk beschikbaar

Myopathie/Rabdomyolyse Net als andere remmers van HMG-CoA-reductase veroorzaakt simvastatine soms myopathie die zich manifesteert als spierpijn, -gevoeligheid of -zwakte met een creatinekinase (CK) van meer dan tienmaal de bovenste waarde van het normale bereik (ULN, upper limit of normal). Soms verschijnt de myopathie in de vorm van rabdomyolyse met of zonder acuut nierfalen secundair aan myoglobinurie, in zeer zeldzame gevallen met fatale afloop. Bij een hoge mate van HMG-CoA-reductaseremmende activiteit in het plasma is het risico op myopathie verhoogd (d.w.z. verhoogde plasmaconcentraties van simvastatine en simvastatinezuur), wat voor een deel het gevolg kan zijn van interactieve geneesmiddelen die interfereren met simvastatinemetabolisme en/of transporterroutes (zie rubriek 4.5). Net als met andere HMG-CoA-reductaseremmers is het risico op myopathie/rabdomyolyse dosisafhankelijk. In een database van klinisch onderzoek waarin 41.413 patiënten met simvastatine werden behandeld, waarvan 24.747 (ongeveer 60%) deelnamen aan onderzoeken met een mediane follow-up van minstens 4 jaar, was de incidentie van myopathie ongeveer 0,03%, 0,08% en 0,61% voor respectievelijk 20, 40 en 80 mg/dag. In deze onderzoeken werden de patiënten zorgvuldig opgevolgd en sommige geneesmiddelen die interactie vertoonden, werden uitgesloten. In een klinisch onderzoek waarbij patiënten met een voorgeschiedenis van myocardinfarct werden behandeld met simvastatine 80 mg/dag (gemiddelde follow-up 6,7 jaar) was de incidentie van myopathie ongeveer 1,0% tegen 0,02% voor patiënten op 20 mg/dag. Ongeveer de helft van deze gevallen van myopathie trad tijdens het eerste behandelingsjaar op. De incidentie van myopathie tijdens elk volgend behandelingsjaar was ongeveer 0,1% (zie rubrieken 4.8 en 5.1). Het risico op myopathie is groter bij patiënten behandeld met simvastatine 80 mg in vergelijking met andere therapieën op basis van statines die dezelfde LDL-C-verlagende doeltreffendheid hebben. Daarom mag de 80mg-dosis van simvastatine enkel gebruikt worden bij patiënten met ernstige hypercholesterolemie en die een hoog risico hebben op cardiovasculaire complicaties, die het beoogde doel van de behandeling niet met lagere doses bereikt hebben, en wanneer verwacht wordt dat de voordelen zullen opwegen tegen de potentiële risico's. Bij patiënten die simvastatine 80 mg innemen en die een interagerend middel nodig hebben, dient een lagere dosis simvastatine of een alternatief behandelingsschema op basis van statines met minder kans op geneesmiddeleninteracties gebruikt te worden (zie verder Maatregelen om het risico op myopathie als gevolg van geneesmiddeleninteracties te verminderen en rubrieken 4.2, 4.3 en 4.5). In een klinische studie waarin patiënten met een hoog risico op cardiovasculaire ziekten zijn behandeld met simvastatine 40 mg/dag (mediane follow-up 3,9 jaar), kwam myopathie voor bij ongeveer 0,05% van de patiënten die van niet-Chinese afkomst waren (n = 7367) vergeleken met 0,24% van de patiënten van Chinese afkomst (n = 5468). Hoewel de enige Aziatische populatie beoordeeld in dit klinisch onderzoek van Chinese afkomst was, is voorzichtigheid geboden bij het voorschrijven van simvastatine aan Aziatische patiënten en moet de laagst benodigde dosering gebruikt worden. Verminderde werking van transporteiwitten Een verminderde werking van hepatische OATP-transporteiwitten kan de systemische blootstelling aan simvastatinezuur verhogen en het risico op myopathie en rabdomyolyse doen toenemen. Een verminderde werking kan optreden als gevolg van remming door interagerende geneesmiddelen (bijv. ciclosporine) of bij patiënten die drager zijn van het SLCO1B1 T521C-genotype. Patiënten die drager zijn van de allelvariant SLCO1B1 T521C dat de genetische code bepaalt van een minder actief QATP1B1-eiwit, hebben een verhoogde systemische blootstelling aan simvastatinezuur en een toegenomen risico op myopathie. Het risico op myopathie gerelateerd aan hoge doses (80 mg) simvastatine bedraagt over het algemeen ongeveer 1% zonder genetisch onderzoek. Op basis van de resultaten van het SEARCH-onderzoek, hebben homozygote C-alleldragers (ook CC genaamd) behandeld met 80 mg 15% risico op myopathie binnen één jaar, terwijl het risico bij heterozygote C�alleldragers (CT) 1,5% bedraagt. Het overeenkomende risico bedraagt 0,3% bij patiënten die het meest voorkomende genotype (TT) hebben (zie rubriek 5.2). Waar beschikbaar dient, vooraleer 80 mg simvastatine voor te schrijven aan individuele patiënten, genotypering voor de aanwezigheid van het C-allel overwogen te worden als deel uitmakend van de beoordeling van de voordelen en risico's, en dienen hoge doses vermeden te worden bij die patiënten die het CC-genotype dragen. Doch, afwezigheid van dit gen bij genotypering sluit niet uit dat myopathie kan optreden. Meting van het creatinekinase Het creatinekinase (CK) mag niet worden gemeten na zware inspanning of in de aanwezigheid van een plausibele andere oorzaak van de CK-verhoging omdat het dan moeilijk is de waarde te interpreteren. Als het CK bij baseline significant is verhoogd (> 5 x ULN), moet de waarde binnen 5 tot 7 dagen opnieuw worden gemeten om de resultaten te bevestigen. Voor de behandeling Alle patiënten die met simvastatine starten of van wie de dosis simvastatine wordt verhoogd, moeten worden geïnformeerd over het risico op myopathie en worden gezegd om onverklaarde spierpijn, - gevoeligheid of -zwakte direct te melden. Voorzichtigheid moet worden betracht bij patiënten met predisponerende factoren voor rabdomyolyse. Om een referentiebaselinewaarde vast te stellen, moet in de volgende gevallen het CK vóór instelling van de behandeling worden gemeten:  Ouderen (leeftijd ≥ 65 jaar)  Vrouwelijk geslacht  Nierfunctiestoornis  Onbehandelde hypothyreoïdie  Eigen of familiale voorgeschiedenis van erfelijke spieraandoeningen  Voorgeschiedenis van spiertoxiciteit met een statine of fibraat  Overmatig alcoholgebruik In dergelijke situaties moet het risico van de behandeling worden overwogen in relatie tot het mogelijke voordeel en klinische controle wordt aanbevolen. Als een patiënt eerder met een fibraat of een statine een spieraandoening heeft gehad, moet behandeling met een andere vertegenwoordiger van die klasse altijd voorzichtig worden ingesteld. Als het CK significant is verhoogd ten opzichte van de baseline (> 5 x ULN), mag de behandeling niet worden ingesteld. Tijdens de behandeling Als er bij een patiënt die met een statine wordt behandeld spierpijn, -zwakte of -kramp optreedt, moet het CK worden gemeten. Als blijkt dat deze waarden zonder zware lichamelijke inspanning significant verhoogd zijn (> 5 x ULN), moet de behandeling worden gestaakt. Als de spiersymptomen ernstig zijn en dagelijks ongemak veroorzaken, zelfs als het CK < 5 x ULN is, kan stopzetting van de behandeling worden overwogen. Als myopathie om een andere reden wordt vermoed, moet de behandeling worden gestaakt. Er zijn zeer zeldzame meldingen gedaan van immuungemedieerde necrotiserende myopathie (IMNM) gedurende of na behandeling met sommige statines. IMNM wordt klinisch gekenmerkt door persisterende proximale spierzwakte en verhoogd serumcreatinekinase, die aanhouden ondanks stopzetting van de statinebehandeling (zie rubriek 4.8). Als de symptomen verdwijnen en het CK normaliseert, kan hernieuwde toediening van een statine of instelling van een andere statine in de laagste dosis worden overwogen, met zorgvuldige controle. Bij patiënten die naar de dosis 80 mg zijn getitreerd, werd een hogere frequentie van myopathie waargenomen (zie rubriek 5.1). Periodieke CK-metingen worden aanbevolen omdat ze nuttig kunnen zijn voor het identificeren van subklinische gevallen van myopathie. Er bestaat echter geen zekerheid dat dergelijke controles myopathie voorkomen. Enkele dagen voor electieve ingrijpende chirurgie en als een andere belangrijke medische of chirurgische omstandigheid dat noodzakelijk maakt, moet de behandeling met simvastatine tijdelijk worden stopgezet. Maatregelen om het risico op myopathie als gevolg van geneesmiddeleninteracties te verminderen (zie ook rubriek 4.5) Het risico op myopathie en rabdomyolyse neemt aanzienlijk toe door gelijktijdig gebruik van simvastatine en krachtige remmers van CYP3A4 (zoals itraconazol, ketoconazol, posaconazol, voriconazol, erythromycine, clarithromycine, telithromycine, hiv-proteaseremmers (bijv. nelfinavir), boceprevir, telaprevir, nefazodon, geneesmiddelen die cobicistat bevatten) alsook gemfibrozil, ciclosporine en danazol. Het gebruik van deze geneesmiddelen is gecontra-indiceerd (zie rubriek 4.3). Het risico op myopathie en rabdomyolyse wordt ook verhoogd door gelijktijdig gebruik van amiodaron, amlodipine, verapamil of diltiazem met bepaalde doses simvastatine (zie rubrieken 4.2 en 4.5). Het risico op myopathie, met inbegrip van rabdomyolyse, kan ook toenemen door gelijktijdigetoediening van fusidinezuur en statines (zie rubriek 4.5). Bij patiënten met HoFH kan dit risico toenemen door gelijktijdig gebruik van lomitapide en simvastatine. Bijgevolg is, wat CYP3A4-remmers betreft, het gelijktijdige gebruik van simvastatine met itraconazol, ketoconazol, posaconazol, voriconazol, hiv-proteaseremmers (bijv. nelfinavir), boceprevir, telaprevir, erythromycine, clarithromycine, telithromycine, nefazodon en geneesmiddelen die cobicistat bevatten gecontra-indiceerd (zie rubrieken 4.3 en 4.5). Als behandeling met krachtige CYP3A4-remmers (middelen die de AUC ongeveer 5 maal of meer verhogen) niet te vermijden is, moet de therapie met simvastatine in de loop van de behandeling worden opgeschort (en het gebruik van een andere statine in overweging worden genomen). Daarnaast moet men voorzichtig zijn bij het combineren van simvastatine met bepaalde minder krachtige CYP3A4-remmers: fluconazol, verapamil, diltiazem (zie rubrieken 4.2 en 4.5). Gelijktijdig gebruik van pompelmoessap en simvastatine moet worden vermeden. Het gebruik van simvastatine met gemfibrozil is gecontra-indiceerd (zie rubriek 4.3). Als gevolg van het verhoogde risico op myopathie en rabdomyolyse mag de dosis simvastatine niet meer dan 10 mg per dag bedragen bij patiënten die simvastatine innemen met andere fibraten, behalve fenofibraat (zie rubrieken 4.2 en 4.5). Men moet voorzichtig zijn bij het voorschrijven van fenofibraat met simvastatine, omdat beide middelen in monotherapie myopathie kunnen veroorzaken. Simvastatine EG mag niet worden toegediend samen met systemische formuleringen van fusidinezuur of binnen 7 dagen na het stopzetten van de behandeling met fusidinezuur. Bij patienten die een statine in combinatie met fusidinezuur kregen toegediend, zijn gevallen (soms met fatale afloop) van rhabdomyolyse gemeld (zie rubriek 4.5). Bij patienten voor wie systemisch gebruik van fusidinezuur van essentieel belang wordt geacht, dient behandeling met statines gedurende de behandeling met fusidinezuur te worden gestaakt. De patient moet worden geadviseerd onmiddellijk medische hulp in te roepen wanneer hij/zij symptomen van zwakte, pijn of gevoeligheid van spieren ervaart. Zeven dagen na de laatste dosis fusidinezuur mag de statinetherapie worden hervat. In uitzonderlijke omstandigheden, wanneer langdurige systemische behandeling met fusidinezuur is vereist, bijvoorbeeld voor de behandeling van ernstige infecties, dient gelijktijdig gebruik van Simvastatin EG en fusidinezuur alleen per patient en onder strikt medisch toezicht te worden overwogen. Het gecombineerde gebruik van simvastatine aan doses hoger dan 20 mg/dag met amiodaron, amlodipine, verapamil of diltiazem moet worden vermeden. Bij patiënten met HoFH moet het gelijktijdig gebruik van simvastatine in doseringen hoger dan 40 mg/dag met lomitapide worden vermeden (zie rubrieken 4.2, 4.3 en 4.5). Patiënten die andere geneesmiddelen innemen waarvan bekend is dat ze samen met simvastatine, vooral hogere doses simvastatine, een matig remmend effect op CYP3A4 hebben, kunnen een verhoogd risico op myopathie hebben. Wanneer simvastatine samen met een matige CYP3A4-remmer (middelen die de AUC ongeveer 2-5 maal verhogen) wordt toegediend, kan een dosisaanpassing van simvastatine noodzakelijk zijn. Voor bepaalde matige CYP3A4-remmers, bijv. diltiazem, wordt een maximumdosis van 20 mg simvastatine aanbevolen (zie rubriek 4.2). Simvastatine is een substraat van de efflux transporter Breast Cancer Resistant Protein (BCRP). Gelijktijdige toediening van middelen die BCRP-remmers zijn (bijvoorbeeld elbasvir en grazoprevir) kan leiden tot verhoogde plasmaconcentraties van simvastatine en een verhoogd risico op myopathie; daarom moet, afhankelijk van de voorgeschreven dosis, een dosisaanpassing van simvastatine worden overwogen. Gelijktijdige toediening van elbasvir en grazoprevir met simvastatine is niet onderzocht; echter, de dosis simvastatine mag niet hoger zijn dan 20 mg per dag bij patiënten die gelijktijdig medicatie krijgen met middelen die elbasvir of grazoprevir bevatten (zie rubriek 4.5). Gelijktijdige toediening van HMG-CoA-reductaseremmers en lipidemodificerende doses (≥ 1 g/dag) niacine (nicotinezuur) is in zeldzame gevallen gepaard gegaan met myopathie/rabdomyolyse; bij monotherapie kunnen beide middelen myopathie veroorzaken. In een klinisch onderzoek (mediane follow-up 3,9 jaar) bij patiënten met een hoog risico op cardiovasculaire ziekten en met LDL-C-gehaltes die goed onder controle waren, die simvastatine 40 mg/dag, met of zonder ezetimibe 10 mg gebruikten, is geen aanvullende verbetering van cardiovasculaire resultaten verkregen met de toevoeging van lipidemodificerende doses (≥ 1 g/dag) van niacine (nicotinezuur). Daarom moeten artsen die combinatietherapie met simvastatine en lipidemodificerende doses (≥ 1 g/dag) niacine (nicotinezuur) of producten met niacine overwegen, de mogelijke voordelen en risico's zorgvuldig afwegen en patiënten nauwgezet controleren op tekenen en symptomen van spierpijn, -gevoeligheid of -zwakte, vooral tijdens de eerste therapiemaanden en wanneer de dosis van één van beide middelen verhoogd wordt. Daarnaast werd in dit onderzoek vastgesteld dat de incidentie van myopathie ongeveer 0,24% bedroeg bij patiënten van Chinese afkomst die simvastatine 40 mg of ezetimibe/simvastatine 10/40 mg gebruikten, in vergelijking met 1,24% bij patiënten van Chinese afkomst die gelijktijdig simvastatine 40 mg, of ezetimibe/simvastatine 10/40 mg en nicotinezuur met gemodificeerde vrijgifte/laropiprant 2000 mg/40 mg gebruikten. Hoewel de enige Aziatische populatie die in dit klinisch onderzoek werd onderzocht van Chinese afkomst was, omdat de incidentie van myopathie hoger is bij patiënten van Chinese afkomst dan bij patiënten van niet-Chinese afkomst, wordt gelijktijdige toediening van simvastatine met lipidemodificerende doses (≥ 1 g/dag) niacine (nicotinezuur) niet aanbevolen bij Aziatische patiënten. De structuur van acipimox is gerelateerd aan die van niacine. Alhoewel acipimox niet onderzocht werd, is het risico op spiergerelateerde toxische effecten mogelijk vergelijkbaar met die van niacine. Myasthenia gravis/ Oculaire myasthenie Er zijn enkele gevallen gemeld waarbij statines Myasthenia gravis of oculaire myasthenie 'de novo' induceerden dan wel reeds bestaande Myasthenia gravis of oculaire myasthenie verergerden (zie rubriek 4.8). Het gebruik van simvastatine EG moet worden stopgezet in geval van verergering van de symptomen. Recidieven wanneer dezelfde of een andere statine (opnieuw) werd toegediend zijn gemeld. Daptomycine Gevallen van myopathie en/of rabdomyolyse zijn gemeld bij gelijktijdige toediening van HMG�CoAreductaseremmers (bijvoorbeeld simvastatine) met daptomycine. Voorzichtigheid is geboden wanneer HMG-CoA-reductaseremmers met daptomycine worden voorgeschreven, aangezien beide middelen in monotherapie myopathie en/of rabdomyolyse kunnen veroorzaken. Tijdelijk stoppen met Simvastatine moet worden overwogen bij patienten die daptomycine gebruiken tenzij de voordelen van gelijktijdige toediening zwaarder wegen dan het risico. Raadpleeg de productinformatie van daptomycine om verdere informatie te verkrijgen over deze mogelijke interactie met HMG-CoA�reductaseremmers (bijvoorbeeld simvastatine) en voor verdere richtlijnen met betrekking tot controle (zie rubriek 4.5). Invloed op de lever In klinisch onderzoek zijn aanhoudende verhogingen (tot > 3 x ULN) van de serumtransaminasen opgetreden bij enkele volwassen patiënten die simvastatine kregen. Als de toediening van simvastatine bij deze patiënten werd onderbroken of stopgezet, daalden de serumtransaminasen meestal langzaam naar het niveau van voor de behandeling. Het wordt aanbevolen vóór het opstarten van de behandeling leverfunctietesten uit te voeren, en daarna als dat klinisch aangewezen is. Bij patiënten bij wie de dosis naar 80 mg wordt verhoogd moet vóór de verhoging, drie maanden na de verhoging naar de dosis 80 mg, en periodiek daarna (bijv. halfjaarlijks) gedurende het eerste jaar van de behandeling een aanvullende controle worden verricht. Speciale aandacht moet worden besteed aan patiënten die verhoogde serumtransaminasewaarden ontwikkelen, en bij deze patiënten dienen de bepalingen direct te worden herhaald en daarna vaker te worden uitgevoerd. Als de transaminasewaarden progressie blijken te vertonen, vooral als ze tot 3 x ULN overstijgen en aanhouden, moet de toediening van simvastatine worden gestaakt. Noteer dat het ALAT met spieren kan samenhangen; daarom kan de gelijktijdige stijging van ALAT en CK op myopathie wijzen (zie hierboven Myopathie/rabdomyolyse). Er werden zeldzame postmarketinggevallen gemeld van fataal en niet-fataal leverfalen bij patiënten die statines innamen, waaronder simvastatine. Als ernstige leverschade met klinische symptomen en/of hyperbilirubinemie of geelzucht optreedt tijdens behandeling met simvastatine, onderbreek dan onmiddellijk de behandeling. Als er geen andere oorzaak gevonden wordt, begin dan niet opnieuw met simvastatine. Het product dient met voorzichtigheid te worden gebruikt bij patiënten die grote hoeveelheden alcohol consumeren. Net als met andere lipideverlagende middelen zijn na therapie met simvastatine matige (< 3 x ULN) verhogingen van de serumtransaminasen gemeld. Deze veranderingen verschenen kort na aanvang van de behandeling met simvastatine, waren vaak van voorbijgaande aard, gingen niet gepaard met symptomen en de behandeling hoefde niet te worden onderbroken. Diabetes mellitus Enkele aanwijzingen suggereren dat statines als klasse het bloedglucose verhogen en bij sommige patiënten met een hoog risico op diabetes in de toekomst een mate van hyperglykemie kunnen veroorzaken waarbij formele diabeteszorg gepast is. Dit risico weegt echter minder zwaar op tegen de vermindering van het vasculaire risico met statines en mag daarom geen reden zijn om de behandeling met een statine te stoppen. Patiënten met dit risico (nuchtere glucose 5,6 tot 6,9 mmol/l, BMI > 30 kg/m2 , verhoogde triglyceriden, hypertensie) moeten zowel klinisch als biochemisch worden gecontroleerd volgens de nationale richtlijnen. Interstitiële longaandoening Gevallen van interstitiële longaandoening werden gemeld met sommige statines, waaronder simvastatine, vooral bij een langdurige behandeling (zie rubriek 4.8). Symptomen die kunnen optreden zijn o.a. dyspnoe, een niet-productieve hoest en een verslechtering van de algemene gezondheidstoestand (vermoeidheid, gewichtsverlies en koorts). Als vermoed wordt dat een patiënt een interstitiële longziekte heeft ontwikkeld moet de behandeling met statines worden gestaakt. Pediatrische patiënten De veiligheid en werkzaamheid van simvastatine zijn onderzocht bij patiënten van 10 tot 17 jaar met heterozygote familiale hypercholesterolemie in een gecontroleerd klinisch onderzoek bij jongens in Tannerstadium II of hoger en meisjes die al minstens één jaar menstrueerden. Het bijwerkingenprofiel van patiënten die met simvastatine werden behandeld, was over het algemeen vergelijkbaar met dat van patiënten die placebo kregen. Naar doses hoger dan 40 mg is geen onderzoek gedaan bij deze populatie. Bij dit beperkt gecontroleerde onderzoek was er geen waarneembaar effect op de groei of seksuele rijping bij adolescente jongens en meisjes, noch enig effect op de duur van de menstruatiecyclus bij meisjes (zie rubrieken 4.2, 4.8 en 5.1). Adolescente meisjes moeten advies krijgen over passende anticonceptiva wanneer ze behandeling met simvastatine ondergaan (zie rubrieken 4.3 en 4.6). Bij patiënten jonger dan 18 jaar werden de werkzaamheid en veiligheid niet onderzocht voor behandelingsperiodes langer dan 48 weken en de langetermijneffecten op de lichamelijke, intellectuele en seksuele ontwikkeling zijn onbekend. Simvastatine werd niet onderzocht bij patiënten jonger dan 10 jaar, noch bij prepuberale kinderen en meisjes die nog niet menstrueren. Hulpstof Lactose: Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-intolerantie, algehele lactasedeficiëntie of glucose-galactose malabsorptie, dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken.

Simvastatine EG bevat de werkzame stof simvastatine. Simvastatine is een geneesmiddel gebruikt om de concentraties van totale cholesterol, 'slechte' cholesterol (LDL-cholesterol) en vettige stoffen die triglyceriden worden genoemd in het bloed te verlagen. Bovendien verhoogt Simvastatine EG de concentraties van 'goede' cholesterol (HDL-cholesterol). Simvastatine EG behoort tot de groep geneesmiddelen die statines worden genoemd.

De werkzame stof in Simvastatine EG is simvastatine. Simvastatine EG 20/40 mg filmomhulde tabletten. Eén filmomhulde tablet bevat 20 mg of 40 mg simvastatine.

De andere stoffen in Simvastatine EG zijn:

  • Tabletkern: watervrij lactose, microkristallijne cellulose, gepregelatiniseerd maïszetmeel, butylhydroxyanisol, magnesiumstearaat, talk
  • Tabletomhulling: hydroxypropylcellulose, hypromellose, talk, titaandioxide (E171)

Neemt u nog andere geneesmiddelen in? Neemt u naast Simvastatine EG nog andere geneesmiddelen in, heeft u dat kort geleden gedaan, of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat innemen? Vertel dat dan uw arts of apotheker.

Het is vooral belangrijk uw arts te informeren als u geneesmiddel(en) inneemt met één van de volgende werkzame stoffen. Inname van Simvastatine EG samen met één van de volgende geneesmiddelen kan het risico op spierproblemen vergroten (sommige daarvan werden reeds genoemd in de rubriek hierboven "Wanneer mag u Simvastatine EG niet innemen?").

 Als u fusidinezuur via de mond moet innemen om een bacteriële infectie te behandelen, dan moet u het gebruik van dit geneesmiddel tijdelijk stopzetten. Uw arts zal u zeggen wanneer het veilig is om opnieuw te starten met Simvastatine EG. Inname van Simvastatine EG met fusidinezuur kan in zeldzame gevallen leiden tot spierzwakte, -gevoeligheid of –pijn (rhabdomyolyse). Voor meer informatie over rhabdomyolyse, zie rubriek 4.

 ciclosporine (vaak gebruikt bij patiënten die een orgaantransplantatie hebben ondergaan)

 danazol (een kunstmatig hormoon gebruikt voor de behandeling van endometriose, een aandoening waarbij het baarmoederslijmvlies buiten de baarmoeder groeit)

 geneesmiddelen met een werkzame stof zoals itraconazol, ketoconazol, fluconazol, posaconazol of voriconazol (gebruikt voor de behandeling van schimmelinfecties)

 fibraten met een werkzame stof zoals gemfibrozil en bezafibraat (gebruikt om de cholesterol te verlagen)

 erythromycine, clarithromycine of telithromycine (gebruikt voor de behandeling van bacteriële infecties).

 hiv-proteaseremmers zoals indinavir, nelfinavir, ritonavir en saquinavir (gebruikt voor de behandeling van AIDS)

 antivirale middelen tegen hepatitis C, zoals boceprevir, telaprevir, elbasvir of grazoprevir (gebruikt voor de behandeling van hepatitis C-virusinfecties)

 nefazodon (gebruikt voor de behandeling van depressie)

 geneesmiddelen met de werkzame stof cobicistat

 amiodaron (gebruikt voor de behandeling van een onregelmatige hartslag)

 verapamil, diltiazem of amlodipine (gebruikt voor de behandeling van hoge bloeddruk, pijn op de borst geassocieerd met een hartaandoening of andere hartaandoeningen)

 lomitapide (gebruikt voor de behandeling van een ernstige en zeldzame genetische cholesterolaandoening)

 daptomycine (een geneesmiddel dat gebruit wordt voor de behandeling van gecompliceerde infectie van de huid en huidstructuur en bacteriëmie). Het is mogelijk dat bijwerkingen die een effect hebben op de spieren erger kunnen worden als dit geneesmiddel ingenomen wordt tijdens behandeling met simvastatine (bijvoorbeeld Simvastatine EG). Uw arts kan besluiten dat u een tijdje stopt met het gebruik van Simvastatine EG.

 colchicine (gebruikt voor de behandeling van jicht)

Informeer uw arts of apotheker als u naast de bovenstaande geneesmiddelen andere geneesmiddelen inneemt of kort geleden heeft ingenomen. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt verkrijgen. Informeer uw arts in het bijzonder als u geneesmiddelen inneemt met één van de volgende werkzame stoffen:

 geneesmiddelen met een werkzame stof om bloedstolsels te voorkomen, zoals warfarine, fenprocoumon of acenocoumarol (antistollingsmiddelen)

 fenofibraat (ook gebruikt om de cholesterol te verlagen)

 niacine (ook gebruikt om de cholesterol te verlagen)

 rifampicine (gebruikt voor de behandeling van tuberculose)

 ticagrelor (plaatjesaggregatieremmer)

Vertel ook elke arts die u een nieuw geneesmiddel voorschrijft dat u Simvastatine EG inneemt.

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.

De volgende termen worden gebruikt om te beschrijven hoe vaak bijwerkingen werden gemeld:

• Zelden (kan tot 1 op 1.000 mensen treffen) • Zeer zelden (kan tot 1 op 10.000 mensen treffen) • Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

De volgende zeldzame ernstige bijwerkingen werden gemeld:

Als één van deze ernstige bijwerkingen optreedt, stop dan met de inname van het geneesmiddel en informeer onmiddellijk uw arts of ga naar de spoedafdeling van het dichtstbijzijnde ziekenhuis.

• pijn, gevoeligheid, zwakte of kramp in de spieren. In zeldzame gevallen kunnen deze spierproblemen ernstig zijn, waaronder afbraak van spieren wat tot nierbeschadiging leidt; en zeer zelden kwamen sterfgevallen voor. • overgevoeligheidsreacties (allergische reacties), waaronder: o zwelling van gezicht, tong en keel, wat moeilijk ademen kan veroorzaken (angio-oedeem)

Het risico op spierafbraak is groter bij hogere doses van Simvastatine EG, vooral in de dosering van 80 mg. Het risico op spierafbraak is ook groter bij bepaalde patiënten. Praat met uw arts als één van de volgende punten voor u van toepassing is:

• u drinkt grote hoeveelheden alcohol • u heeft problemen met de nieren • u heeft problemen met de schildklier • u bent 65 jaar of ouder • u bent een vrouw • u heeft ooit tijdens behandeling met cholesterolverlagende geneesmiddelen, die 'statines' of fibraten genoemd worden, spierproblemen gehad • u of een naast familielid heeft een erfelijke spierziekte

Neem ook contact op met uw arts of apotheker als u constant last hebt van spierzwakte. Er kunnen aanvullende tests en geneesmiddelen nodig zijn om dit aan te tonen en te behandelen.

Kinderen en jongeren

De veiligheid en werkzaamheid van Simvastatine EG werden onderzocht bij jongens van 10-17 jaar en bij meisjes bij wie de menstruatie minstens één jaar daarvoor was begonnen (zie rubriek 3: "Hoe neemt u Simvastatine EG in?"). Simvastatine EG werd niet onderzocht bij kinderen jonger dan 10 jaar. Raadpleeg uw arts voor meer informatie.

Wanneer mag u Simvastatine EG NIET innemen?

 U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.

 U heeft momenteel leverproblemen

 U bent zwanger of geeft borstvoeding

 U neemt geneesmiddelen met één of meer dan één van de volgende werkzame stoffen:

 itraconazol, ketoconazol, posaconazol of voriconazol (gebruikt voor de behandeling van schimmelinfecties)

 erythromycine, clarithromycine of telithromycine (gebruikt voor de behandeling van infecties)

 hiv-proteaseremmers zoals indinavir, nelfinavir, ritonavir en saquinavir (hiv-proteaseremmers worden gebruikt voor hiv-infecties)

 boceprevir of telaprevir (gebruikt voor de behandeling van hepatitis C-virusinfecties)

 nefazodon (gebruikt voor de behandeling van depressie)

 cobicistat

 gemfibrozil (gebruikt om cholesterol te verlagen)

 ciclosporine (gebruikt bij patiënten die een orgaantransplantatie hebben ondergaan)

 danazol (een kunstmatig hormoon gebruikt voor de behandeling van endometriose, een aandoening waarbij het baarmoederslijmvlies buiten de baarmoeder groeit).

 Als u op dit moment, of in de laatste 7 dagen, een geneesmiddel (heeft) gebruikt dat fusidinezuur heet (een geneesmiddel tegen infecties met bacteriën), oraal of via injectie. De combinatie van fusidinezuur met Simvastatine EG kan tot ernstige spierproblemen leiden (rabdomyolyse).

Gebruik niet meer dan 40 mg simvastatine als u lomitapide gebruikt (gebruikt om een ernstige en zeldzame genetische cholesterolaandoening te behandelen).

Als u niet zeker weet of uw geneesmiddel in bovenstaande lijst staat, vraag het dan aan uw arts.

Simvastatine is gecontra-indiceerd gedurende de zwangerschap (zie rubriek 4.3). De veiligheid bij zwangere vrouwen is niet vastgesteld. Bij zwangere vrouwen zijn geen gecontroleerde klinische studies met simvastatine verricht. Er zijn zeldzame gevallen gerapporteerd van aangeboren afwijkingen na intra-uteriene blootstelling aan HMG-CoA-reductaseremmers. Maar bij analyse van ongeveer 200 prospectief gevolgde zwangerschappen waarbij tijdens het eerste trimester blootstelling aan simvastatine of een andere nauw verwante HMG-CoA-reductaseremmer had plaatsgevonden, was de incidentie van aangeboren afwijkingen vergelijkbaar met die in de algemene populatie. Dit aantal zwangerschappen was statistisch voldoende om een verhoging van aangeboren afwijkingen ten opzichte van de achtergrondincidentie met een factor 2,5 of meer uit te sluiten. Hoewel er geen aanwijzingen zijn dat de incidentie van aangeboren afwijkingen bij nakomelingen van patiënten die simvastatine of een andere nauw verwante HMG-CoA-reductaseremmer hebben gebruikt, afwijkt van die in de algemene populatie, kan behandeling van de moeder met simvastatine bij de foetus een verlaging geven van de concentratie van mevalonaat, dat een precursor is van de cholesterolbiosynthese. Atherosclerose is een chronisch proces en staken van de toediening van de lipideverlagende middelen tijdens de zwangerschap heeft gewoonlijk weinig invloed op het risico van langdurige behandeling van een primaire hypercholesterolemie. Daarom mag simvastatine niet worden gebruikt bij vrouwen die zwanger zijn, zwanger proberen te geraken of die vermoeden dat zij zwanger zijn. Behandeling met simvastatine moet worden opgeschort voor zolang de zwangerschap duurt of tot is vastgesteld dat de vrouw niet zwanger is (zie rubrieken 4.3 en 5.3). Borstvoeding Het is onbekend of simvastatine of de metabolieten in de moedermelk worden uitgescheiden. Omdat veel geneesmiddelen in de moedermelk worden uitgescheiden en gezien de kans op ernstige bijwerkingen, mogen vrouwen die simvastatine innemen, hun kinderen geen borstvoeding geven (zie rubriek 4.3). Vruchtbaarheid Er zijn geen klinische gegevens over de effecten van simvastatine op de vruchtbaarheid bij de mens. Simvastatine had geen effect op de vruchtbaarheid van mannelijke of vrouwelijke ratten (zie rubriek 5.3).

Uw arts zal de geschikte tabletsterkte voor u bepalen, afhankelijk van uw aandoening, uw huidige behandeling en uw persoonlijk risico.

Neem dit geneesmiddel altijd precies in zoals uw arts u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

U moet uw cholesterolverlagend dieet blijven volgen terwijl u Simvastatine EG inneemt.

CNK 3491404
Organisaties Eurogenerics (EG) Generics & Consumer
Merken Eurogenerics (EG)
Breedte 48 mm
Lengte 77 mm
Diepte 49 mm
Actieve ingrediënten simvastatine
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)